NL/EN
Kaart van Indonesië binnen de RIS op 1 januari 1950

Fact & Fiction

Een documentaire over oorlog, verlies, herinnering en de wens de geschiedenis een andere afloop te geven.

En de geschiedenis ging verder...

Na oorlog en soms verschrikkelijke kampervaringen maakten mensen mee hoe Nederlands-Indië plaats moest maken voor onafhankelijk Indonesië. Voor velen betekende dat ook het verlies van het land waarin zij waren geboren en opgegroeid. Vrienden kwamen tegenover elkaar te staan. De oude orde verdween. Sommigen bleven hopen dat de geschiedenis nog een andere afloop kon krijgen.

Fotograaf en cameraman

Bob kwam uit een familie die al sinds oudsher in Indië woonde en werkte. Na een moeizame kamptijd ging Bob van Rouveroy na de oorlog bij het KNIL. Zijn moeder was in het kamp overleden en een broer had het ternauwernood overleefd. Zijn zusjes en vader vertrokken uiteindelijk naar Nederland. Bob bleef achter, nam dienst en werd fotograaf en cameraman.

Bob van Rouveroy als verslaggever en fotograaf
Bob van Rouveroy, verslaggever en fotograaf.

Een familie in de maalstroom van de geschiedenis

In de aanloop naar de overdracht van Nederlands-Indië aan de nieuw gevormde regering van Soekarno en Hatta speelden zich vele politieke en militaire confrontaties af. Nederland zette zich daartegen schrap, onder meer met twee politionele acties. Pas na zware internationale druk, onder andere van de Verenigde Staten, kwam het eind 1949 tot de soevereiniteitsoverdracht.

De families Van Rouveroy en Bogaardt, waarvan Elly van Rouveroy-Bogaardt de zus was van Archie Bogaardt, hadden diepe wortels in Indonesië en bewogen zich midden in die overgangstijd. Bogaardt, burgemeester van Jakarta en medewerker van Van Mook, speelde een belangrijke rol in de overdracht. Documenten, beelden en herinneringen uit beide families onderbouwen mede de verhalen die Bob vertelde over zijn ervaringen en over gebeurtenissen in de turbulente jaren rond en na de overdracht. Veel hooggeplaatste ambtenaren en militairen waren het niet eens met de gang van zaken. Er werd verteld dat er een schaduwkabinet was dat trachtte tegen te werken wat onder internationale en geallieerde druk werd afgedwongen.

Archibald Bogaardt
Archibald Bogaardt.
Prins Bernhard en generaal Spoor
Prins Bernhard en generaal Spoor.
De soevereiniteitsoverdracht
De soevereiniteitsoverdracht eind 1949.

Wat gebeurt er met herinneringen na oorlog, kampverleden, verlies en gedwongen vertrek?

Wanneer wordt een herinnering een verhaal?

Bob keerde na een kort verblijf in Nederland in 1949 als getrouwd man terug naar Indonesië. Daar zou hij, in samenwerking met en in opdracht van zijn oom Archie Bogaardt, betrokken zijn geraakt bij wapentransporten voor kapitein Westerling. Uit oorlogstijd wist Bogaardt van een wapenopslag in de haven van Priok bij Jakarta. Van daaruit zou Bob materiaal hebben verplaatst richting Bandung.

Op de achtergrond speelde de angst dat de federale structuur van Indonesië snel zou verdwijnen en dat gebieden waar Nederland nog invloed en belangen had zich alsnog volledig bij de republiek zouden aansluiten. Voor veel Indo’s en Molukkers die trouw aan de kroon hadden gezworen, was dat een dreigende en uitzichtloze situatie. Van hen werd verwacht dat zij zich na de ontmanteling van het KNIL zouden aansluiten bij de revolutionaire troepen, die tot dan toe hun vijanden waren geweest. Westerling begreep dat en wilde met zijn putsch afdwingen dat de federatie in stand bleef. Of de wapens hem daadwerkelijk bereikten, is onzeker.

Wat als de geschiedenis een andere wending had genomen?

In een periode waarin de oorlog nog maar net voorbij was en een nieuwe staat werd gevormd, lag de toekomst allerminst vast. Nederlanders, Indo-Europeanen en andere achterblijvers probeerden zich te verhouden tot een nieuwe werkelijkheid. Overal leefden scenario’s over wat er nog mogelijk was.

Wat als Westerling had gewonnen? Wat als Japan zijn greep op Zuidoost-Azië had behouden? Wat als andere machten de loop van de geschiedenis hadden bepaald? Zulke vragen bleven rondzingen in de verbeelding van de achterblijvers.

1956: de affaire-Jungschläger

Achterblijven in Indonesië was niet zonder gevaar. Na de onafhankelijkheid wilden veel Indonesiërs dat de Nederlanders het land verlieten. Jungschläger, die in Indonesië was gebleven om zijn zaken af te wikkelen, werd in 1956 tot zondebok gemaakt — en daarmee tot waarschuwing voor Nederlanders die te lang in het land bleven. In een omstreden proces werd hij beschuldigd van samenzwering tegen de Indonesische staat. Tegen hem werd de doodstraf geëist; hij overleed vóórdat de rechter uitspraak deed.

Bob, die in Indonesië was gebleven, raakte ook betrokken bij de affaire-Jungschläger. Toen werd het hem, zoals hij vertelde, te heet onder de voeten en moest hij hals over kop vertrekken.

Frank
Frank.

De film

Frank van Rouveroy, de neef van Bob, en Dorna, Bobs dochter, wisselen de verhalen uit over wat er gebeurd zou kunnen zijn en toetsen die aan archiefonderzoek. Is dit allemaal werkelijk gebeurd? Of zijn sommige verhalen verteld omdat het verlies van land, moeder en verleden te zwaar was om te dragen, en omdat men toch iets had willen doen om dat te voorkomen?

De film onderzoekt de grens tussen feit en verhaal. Uiteindelijk kwam Bob tot de overtuiging dat de Indonesiërs natuurlijk hun eigen land wilden hebben — maar dat inzicht was een lange weg.

Hoe ging het verder?

Archie Bogaardt werd later burgemeester van Rijswijk. Hij hielp zijn neef Bob om naar Canada te emigreren. Bob werd daar een succesvol filmmaker. Na zijn pensionering keerde hij terug naar Nederland.

Hij bleef altijd met het verleden bezig. Zijn dochter Dorna maakte voor de Humanistische Omroep de film Regen in Nagasaki, over zijn terugkeer naar Japan in 2000, waar hij zijn voormalige kampbeulen confronteerde. De film bracht veel teweeg binnen de Indische gemeenschap. Daarmee leverde hij een wezenlijke bijdrage aan het bespreekbaar maken van de traumatische ervaringen in de Japanse kampen, die zovelen hadden ondergaan.

Bronnen